In een eerdere blog schreef ik wat competent volgerschap vraagt: lidmaatschap dragen, vertrouwen geven, ongemak verduren en ruimte laten. Competenties die we nauwelijks trainen, terwijl leiderschap alle aandacht krijgt.
In deze blog onderzoeken Jikke Menting en ik: Wat vraagt dit van leiders?
Want competente volgers zijn geen gemakkelijke volgers. Ze houden zich in én spreken zich uit. Ze vertrouwen én verliezen zichzelf niet. Ze volgen én weten wanneer dat ophoudt.
Dit vraagt een bedding biedend leiderschap.
Beweging vinden en volgen
In de kudde máken paarden geen beweging, ze vinden hem. Er wil iets bewegen: onrust, honger, gevaar of rust. Dit beweegt het geheel, niet slechts één paard.
Leiderschap wordt gedeeld. Bij rust graast de leidmerrie in het midden terwijl de hengst van achteren waakt. Bij het zoeken naar water leidt de oudste merrie, bij gevaar neemt een jongere haar plek.
De beweging wordt samen gevonden én gevolgd. Iedereen draagt bij.
Leiderschap is vorm geven aan die beweging en haar mogelijk maken, niet het bedenken ervan. Toch vinden wij vaak dat leiderschap begint bij richting bepalen, plannen maken, besluiten nemen. Alsof wij de beweging bepalen. Het vraagt nederigheid te erkennen dat de beweging groter is dan jij.
Wat vraagt dit van leiders?
Afstemmen op het geheel
Wacht met je eerste neiging: reageren, oplossen, richting geven.
Neem waar: de spanning in de ruimte, de stilte na een vraag, de wel of niet aanwezige energie.
Laat ruimte voor zoeken zonder direct te willen weten waar het uitkomt.
Vertraag.
De plek nemen die past
Leiderschap vraagt flexibiliteit. Soms leid je door voorop te gaan.
Soms waak je vanachter. Soms vertraag je in het midden en vraagt aandacht voor het on-onderhandelbare.
En soms, leid je door te volgen. Of door te erkennen dat een ander nu beter past.
Spanning kunnen dragen
Waar volgers ongemak hebben te verduren, vraagt leiderschap spanning te dragen zonder deze in te slikken.
In tijden van verandering word je makkelijk symbool, voor hoop, frustratie of onzekerheid.
Projecties komen bij jou terecht.
Leiderschap vraagt dat je kunt ont-persoonlijken.
Zonder te verdedigen, corrigeren of op te lossen.
En dat je blijft staan in dat wat groter is dan jij. Dat je de onrust meedraagt tot er helderheid kan ontstaan.
Uitwisseling
Leiderschap en volgerschap staan niet los van elkaar. Ze ontstaan in relatie.
Competente volgers maken ander leiderschap mogelijk, en andersom.
Als leiders afstemmen, kunnen volgers hun competenties tonen.
Als volgers meebewegen zonder zichzelf te verliezen, kan de leider ruimte geven.
Misschien vraagt deze tijd niet om méér leiders, maar om leiders die bedding durven zijn.
Die niet alleen voorop willen lopen, maar ook durven volgen wat wil bewegen.
De vraag is dan: ben ik bereid bedding te zijn voor wat groter is dan mij?
